Fraser Island, 18-19 februari,
Zondag zijn we doorgereden naar Hervey Bay waar we voor maandag en dinsdag een trip naar Fraser Island hebben geboekt. We vonden een leuke camping aan zee waar we ook gratis de camper mochten laten staan op de dagen dat we naar het eiland zouden zijn. Terwijl we 's avonds na een wandeling terug liepen naar de camping vlogen er honderden enorme vleermuizen over ons heen. Ze waren zo groot dat als ze recht boven je een vleugelslag maakten dat klonk alsof er iemand een tafellaken aan het uitkloppen was. Later zou onze gids op Fraser Island vertellen dat er in Hervey Bay een colonie van zo'n 1000 vliegende vossen woont die iedere avond de zee oversteken naar Fraser Island om daar te gaan jagen!
Fraser Island is het grootste zandeiland ter wereld. Er zijn g
een rotsen en ook geen wegen, alleen zandpaden. We mogen (en kunnen) er dan ook niet met onze camper naartoe. We gaan met de Fraser Explorer Guided Tours en overnachten in een resort op het eiland. We vallen met onze neus in de boter, onze gids, Patrick O'Neill blijkt een expert te zijn wat betreft de flora en fauna van het eiland. Hij heeft zelfs opgetreden als gids in een DVD die over het eiland is gemaakt. Uiteraard hebben wij deze film ook aangeschaft. Patrick heeft er zelfs speciaal voor ons een boodschap op gezet.
We worden van de boot gehaald met een 4-wheel Drive Bus en rijden naar Central Station, een voormalige campeerplaats in het midden van het eiland. Patrick vertelt ons dat het erg belangrijk is om de gordels altijd te dragen en al heel snel weten we waarom. We worden alle kanten op geschud als de bus zijn weg zoekt over het pad.
Vanuit Central Station ligt een voetpad door een van de creeks. Terwijl we daar overheen lopen steekt er een slang over. Ik stond er nog geen 30 cm.
Vandaan en als niemand het gezegd had, had ik hem niet eens gezien! Patrick pakte de slang op en liet zien hoe je dat moest doen. Wel met de boodschap dat wij dat vooral moesten laten. Nadat iedereen hem goed had kunnen bekijken liet hij hem weer gaan. Ondertussen kroop er aan de andere kant van de creek een grote hagedis omhoog. We kregen nog wat uitleg over de bomen en planten in de creek en vervolgens mochten we er zelf een stuk doorheen gaan lopen. De enige waarschuwing van Patrick was: "als het wiebelt is het geen stok dus ga daar niet op staan en eet niet van de paddestoelen. Je hoeft niet bang te zijn voor slangen en spinnen en voor alles wat je niet kent geldt afblijven! Het enige waar je voor op moet passen zijn de "Dropbears". Beren die zich op de schouder van de toeristen laten vallen. Om te voorkomen dat ze zich aan je schouder vasthouden kun je met een vinger als een veer achter je hoofd omhoog gaan lopen, dan pakt de beer die vast en kun je hem zo van de af schudden". Maar ik hoefde niet bang te zijn want de beren vallen nooit Australiërs aan, alleen buitenlanders. Ja, ja! En veel trappen er nog in ook hoewel ik in onze groep niemand met de vinger achter zijn hoofd heb zien lopen. En daar gingen we. Een werkelijk schitterende tocht van enkele kilometers langs een kraakhelder watertje tussen schitterende bomen en planten door.
Na de lunch ging het op weg naar de Champagne Pools. De rit daarheen ging over de hoofdweg van het eiland. Maar die hoofdweg wordt gevormd door……het strand! Eerlijk waar, een 75 km. lang zandstrand vormt de "Sandy Highway". En dat is geen geintje maar de officiële naam van deze weg. Het was eb dus er was meer dan genoeg ruimte maar de volgende dag zouden we tijdens de vloed over deze weg rijden en gingen we dan ook door het water. Bij het oprijden van de duin die de parkeerplaats vormde reed Patrick de bus muurvast. Hij stond tot boven de bodem in het zand begraven. De banden moesten leeg en na veel graafwerk kon een voorbijganger met een lier op zijn 4Wheel Drive de bus weer los trekken.
De Champagne Pools bleken natuurlijk gevormde bekkens aan de rand van de oceaan waar we evt. even in konden zwemmen. Maar we hadden geen van beiden zin om de rest van de trip in natte kleding te moeten gaan zitten dus hebben we daar alleen even rond gekeken….en stuitten op een hoek met een stel enorme spinnen. Het lijf alleen was wel 5 cm in doorsnee, brrrr. We hebben er al griezelend wat foto's en film van gemaakt.
En plots liep daar midden over de parkeerplaats een dingo, schitterend! Een prachtig, broodmager beest dat zich niets aantrok van de opwinding die hij bij de toeristen veroorzaakte maar gewoon zijn gangetje ging. Prachtig!

Vervolgens naar Indian Heads, een grote heuvel aan zee. Een zee die trouwens erg ruw was. Je mag er beslist niet in zwemmen, de onderstromen zijn erg sterk en het wemelt er van de haaien. Indian Heads moesten we zelf beklimmen, er was geen echt pad maar je kon wel zien hoe je er het makkelijkst tegenop kon komen. En vanaf de top had je een prachtig uitzicht over strand, zee en een groot deel van het eiland. Een forse klim maar echt de moeite waard. 
Nog even snel naar het Coulored Sand en het wrak van de Mahena dat al een eeuwigheid op het strand ligt te rotten en daarna was het weer tijd voor het dinner. We werden teruggereden naar het resort waar we eerst een lekkere douche hebben genomen om al het zand en zweet van de dag weer kwijt te raken . En die avond hebben we het echt niet laat meer gemaakt!
Het weer dinsdag viel voor de verandering weer eens tegen. Van de zonsopgang was door de bewolking niets te zien dus het was dan ook niet erg
dat we daar doorheen geslapen hadden! Ook het ontbijt was weer prima en we gingen vol goede moed op weg naar Lake Wabli. Om daar te komen moesten we ruim 2 km. door een duinlandschap lopen en ik kan je verzekeren, dat valt niet mee! Pfff wat is dat zwaar. Tegen dat we er waren had ik ook nog eens het halve zandeiland in mijn schoenen zitten….En dan plotseling houdt het zand op en ligt er een prachtig groen meer met aan de overkant de rand van het regenwoud. Onvoorstelbaar, geen enkele overgang in het landschap, het zand houdt op en het woud begint. Het meer was heerlijk om in te zwemmen maar als je uit het water kwam moest je wel zo snel mogelijk een shirt aantrekken anders werd je gezandstraald! Na een ontspannen uurtje in het water weer te voet terug naar de bus, dit maal via een route door het bos. Met weer prachtige natuur overal om ons heen.
Na de lunch stond een tocht naar Lake McKenzie op het programma. Een prachtig meer midden op het eiland. Omgeven door bossen en schitterend witte zandstranden lag het kraakhelder en blauw te schitteren. Patrick vertelde dat de samenstelling van het water zo was dat je huid er heerlijk zacht van werd en het leek of je je haren had gewassen met een dure conditioner, zo zacht en glanzend werd het. En dat klopte echt! Het water was ook op een lekkere temperatuur en echt heerlijk om in te zwemmen. Alleen jammer dat het weer regende, nu konden we na de zwempartij niet lekker even nog in het zonnetje gaan zitten. Maar ja, van zwemmen wordt je toch al nat.
Om 16.00 uur bracht de boot ons weer terug naar het vaste land van Australië .
Het was een heel mooie en bijzondere tijd op dit prachtige Fraser Island. Een zandeiland, altijd in beweging door de natuur. Helaas wordt het op het moment nogal voor en door het toerisme gebruikt en niet altijd op de juiste manier. Veel toeristen weten niet hoe kwetsbaar de natuur er is en dat de meren vernietigd kunnen worden door zoiets simpels als de afwas doen in een meer of zelfs plassen in het water. Ook de Dingo heeft te lijden onder het toerisme, doordat velen het dier als een hond zien en ook voeren, gaan de beesten zich daarop richten. Als ze dan afhankelijk van de mensen worden, worden ze gevaarlijk. Wat voor een Dingo als jachtspelletje gezien kan worden kan voor een mens een behoorlijk lelijke ervaring zijn. En als zo'n dier dan iemand verwondt hebben de rangers weer een excuus er verschillende af te schieten. En op die wijze is de Dingo populatie al behoorlijk uitgedund. De boodschap is: de Dingo is een wild dier, behandel hem dus ook zo!
Frasers Island is een uniek en prachtig stukje land waar men heel zuinig op moet zijn, en dat het zeker verdient om te worden bewaard voor de toekomst!
Australia Zoo, 20 februari 2008
Het volgende op ons verlanglijstje was een bezoek aan de Australia Zoo, home of the Crocodile Hunter, ofwel de dierentuin van Steve Irwin. We waren zoals elke dag weer op tijd op pad en bereikten tegen 12.00 uur het plaatsje Beerwah waar de Zoo is gehuisvest zodat het nog de moeite loonde er dezelfde middag naartoe te gaan. Het eerste wat opviel was dat de intree voor Australische begrippen erg duur was, 49 dollar per volwassene, dat is zo'n 30 euro. Later werd verteld dat van dat geld ook een Wildlife Animal Hospital wordt gefinancierd dus het was ook voor een goed doel. En het parkeren was gratis.
Bij binnenkomst liepen we gelijk langs enkele poelen met krokodillen. Enorme beesten die echter zo stil in het zonnetje lagen dat het wel leek of ze van steen waren. Ze knipperden zelfs niet eens met hun ogen!


Daarna de koala's. Ach wat een schattige beestjes. Omdat de temperatuur voor hen precies goed was waren ze behoorlijk actief, schitterend. Je kon wel erg goed merken dat ze allemaal met mensen waren opgegroeid, een kwam er zelfs tijdens de demonstratie naar de oppasser toe en stak zijn pootjes omhoog om opgetild te worden. En toen de goede man dat deed kroop het beestje helemaal tegen hem aan, schitterend. Na de uitleg mochten we het beertje allemaal nog een keertje over zijn ruggetje krabbelen. Een stuk verderop was nog een koala-eiland daar konden we zelfs zo dicht bij de beestjes komen dat we ze konden aaien!
Er werd een grote show gehouden met daarin vogels, slangen en uiteraard ook een enorme grote krokodil. Het beest werd door de oppasser gevoerd en de man moest erg voorzichtig zijn om daarbij zijn handen niet kwijt te raken. Een fascinerend gezicht. 
Verder heeft Frans nog vriendschap gesloten met een emoe, het beest volgde hem steeds zolang hij langs het hek liep. Ging Frans rechts, de emoe ook, ging Frans links, ging het beest weer mee, ondertussen rare kloekende geluiden makend.
Ook de kangaroes waren zo tam dat je ze kon voeren en aaien. De beesten hadden echter gedurende de dag al zoveel voer gehad dat ze er niet eens meer naar keken. Maar wel leuk.
Natuurlijk waren er nog veel meer dieren en het was dan ook een heerlijke ervaring. Een prachtige dierentuin die vooral bekend staat om zijn krokodillen maar ikzelf vond toch de koala's het leukst!
Vandaag zijn we vertrokken richting de Goldkust dus daar zal dan het volgende verslag over gaan. Ik kan al wel verklappen dat het stralend weer is!
Geen opmerkingen:
Een reactie posten